De krombektang is dat ene gereedschap waarvan je je achteraf afvraagt hoe je er ooit zonder hebt gewerkt. Veel makers ontdekken hem pas na een tijdje en denken dan: oh, ik dacht dat ik gewoon onhandig was, maar het lag aan mijn tang.
Hij lijkt op een platbektang, maar dan met een gebogen bek. Die buiging is goud waard wanneer je in een lastig hoekje moet werken. Bij een hangertje met meerdere ringetjes, bij een knijpkraal die op een rare hoek zit, of bij het sluiten van een sluiting waarvan de andere kant moeilijk te grijpen is. Waar je platbektang vastloopt, gaat je krombektang vrolijk door.
Dit is gespecialiseerd gereedschap. Voor de dagelijkse routine pak je je platbektang. Maar wanneer je vastloopt in een hoek, vooral bij dit soort situaties: het knijpen van een ringetje diep in een hangertje, het strijken van een knijpkraal die niet rechtuit zit, of het sluiten van een sluiting waarvan de andere kant moeilijk te grijpen is.
Wat ik zelf vaak doe: ik werk met de platbektang in mijn dominante hand om het ringetje vast te houden, en de krombektang in mijn andere hand om het te draaien. De buiging zorgt dat ik allebei mijn handen kwijt kan zonder dat de tangen tegen elkaar botsen. Verschilt enorm met twee rechte tangen waarbij je constant in je eigen weg zit.
Niet meteen bij je allereerste set. Begin met een platbektang en een rondbektang, en kijk hoe ver je daarmee komt. Ga je tegen situaties aanlopen waarin je rechte tang in de weg zit? Dan is het tijd voor een krombektang. Voor de meeste makers komt dat moment vanzelf.
Voor wie veel armbanden met knijpkralen op tijgerdraad of staaldraad maakt is de krombektang vanaf het begin een aanrader. De gebogen bek pakt de knijpkraal precies in de juiste hoek, zodat hij netjes afsluit zonder dat je hem hoeft te kantelen. Bespaart een hoop frustratie als je net begint met dat soort werk.