Sleutelhanger maken: zo werk je met ringetjes

Dit is deel 6 van de serie Beginnen met sieraden maken. De andere delen gaan over armbanden rijgen op elastiek, kettingen rijgen op gecoat ijzerdraad, oorbellen maken en meer.
Wat voor sieraad je ook maakt, je komt ze bijna altijd tegen: ringetjes. Voor de een geen probleem, voor veel andere maaksters een lastig klusje. Want welke maat heb je nodig, en hoe krijg je ze netjes dicht? Een sleutelhanger is de perfecte manier om het te leren. De ringetjes zijn wat groter en steviger, dus je ziet goed wat je doet. In deze gids laat ik zien hoe je een sleutelhanger maakt en ondertussen leer je meteen ringetjes openen en sluiten zoals het hoort.
Open een ringetje altijd met twee tangen, dan blijft het rond
Buig de uiteinden zijwaarts langs elkaar, niet uit elkaar
Voor een sleutelhanger kies je stevige ringetjes van 8 tot 10 mm, 1 tot 1,2 mm dik
Sluit het ringetje door de uiteinden net iets te ver langs elkaar te buigen en dan terug
RVS en DQ metaal blijven het langst mooi, ideaal voor iets dat veel gebruikt wordt
Dit heb je nodig
- Een sleutelhanger-haak of split-sleutelring
- Ringetjes in een stevige maat, 8 tot 10 mm
- Bedels, kralen of een naamlabel naar keuze
- Twee tangen: het makkelijkst werk je met een platbektang en een krombektang, of twee platbektangen
Waarom twee tangen?
Alle maten en kleuren ringetjes vind je bij elkaar in mijn collectie. Voor een sleutelhanger kies je de stevige maten.
Zo open en sluit je een ringetje, stap voor stap
Stap 1: open het ringetje met twee tangen
Pak het ringetje vast met twee tangen, aan weerszijden van de opening. Buig de uiteinden zijwaarts langs elkaar, dus de ene naar voren en de andere naar achteren. Trek ze niet uit elkaar, want dan wordt het ringetje ovaal.

Stap 2: rijg je bedel en haak aan
Schuif je bedel, kraal of label aan het ringetje. Rijg ook de sleutelhanger-haak aan hetzelfde ringetje. Zet je een bedel aan een eindkap of aan een kraal met oog? Vergeet dan niet beide oogjes aan te rijgen.

Stap 3: buig het ringetje terug
Buig de uiteinden weer naar elkaar toe. Doe dit met beleid en zet niet ineens te veel kracht. Houd je handen en armen dicht bij je lichaam, want hoe dichter je handen bij je lichaam zijn, hoe meer controle je hebt.

Stap 4: wiebel het dicht
Beweeg de twee uiteinden zachtjes op en neer langs elkaar tot ze precies aansluiten. Je hoort en voelt vaak een klein klikje als het ringetje goed dicht zit. Lukt het niet meteen, kijk dan hieronder bij de oplossingen.
Help, mijn ringetje sluit niet goed
Hieronder de drie meestgemaakte fouten bij het sluiten van ringetjes, en hoe je ze oplost. Krijg je het na deze tips nog niet mooi dicht? Stuur dan een foto of filmpje via WhatsApp naar 06-28565517, dan komen we er samen vast uit.
Probleem 1: mijn ringetje is ovaal en sluit daardoor niet mooi.Als je een ringetje met één tang openmaakt, wordt het ovaal in plaats van rond. Dit voorkom je door altijd twee tangen te gebruiken.
Probleem 2: mijn ringetje gaat niet helemaal dicht.Een trucje dat ik hierbij gebruik: buig de uiteinden net iets langs elkaar in plaats van precies tegen elkaar. Laat ze elkaar 1 tot 2 mm overlappen en buig ze dan een tikje terug. De opening is verdwenen.
Probleem 3: mijn ringetje gaat niet dicht omdat een van de uiteinden hoger staat.Staat een uiteinde hoger, dan is het ringetje niet meer helemaal rond. Zet een platbektang op beide uiteinden tegelijk en knijp met zoveel kracht als nodig tot ze gelijk staan. Soms moet je dat een paar keer herhalen.
Welke maat ringetjes heb ik nodig?
| Wat wil je maken? |
Maat ringetjes |
| Sluiting aan eindkappen |
Niet te dun: Ø5-6mm / 1-1,2mm dik |
| Schakelketting 2-3mm |
Dunne ringetjes, max 0,8mm |
| Mini schakelketting max 2mm |
Allerdunste ringetjes 0,4 – 0,6mm |
| Kleine bedeltjes |
Ø5mm / 0,8-1mm dik |
| Grote bedels |
Ø6-8mm / 1-1,2mm dik |
| Leer hangers Sleutelhanger of tassenhanger |
Ø8-12mm / 1-1,2mm dik |
| Chunky sieraden (bv sleutelhangers) |
Ø8-10mm / 1-1,2mm dik |
De maat die je kiest hangt van twee dingen af: wat er in je bedel of haak past, en je eigen smaak. Een te groot ringetje maakt een sieraad al snel slordig, met de nadruk op het ringetje in plaats van op je mooie bedel. Een te klein ringetje kan wringen of zelfs zo klein zijn dat je je bedel verliest. Voor een sleutelhanger kies ik bewust een steviger, iets grover ringetje van 8 tot 10 mm: dat staat stoerder en is sterk genoeg voor dagelijks gebruik.
Welk materiaal kies je voor je ringetjes?
Niet elk ringetje is gelijk. Het materiaal bepaalt hoe lang het mooi blijft en hoe makkelijk het sluit:
- RVS blijft lang mooi, maar is vrij hard. De dikkere maten zijn lastiger te sluiten, dus niet de makkelijkste voor een beginner. De mini-maatjes zijn juist wel goed te doen en de enige die in de kleinste schakelketting passen. RVS is nikkelarm: er zit altijd een klein beetje nikkel in, maar dat zit zo vast in het metaal dat het bij vrijwel niemand op de huid vrijkomt.
- DQ metaal staat voor Design Quality, een in Europa gemaakte metaalmix met een duurzame coating. Iets duurder, maar het blijft langer mooi dan het standaard zilverkleurige metaal.
- Zilverkleurig metaal is de hobbykwaliteit. Ik kies altijd de nikkel- en loodvrije varianten, zodat de kans op een allergische reactie kleiner is. Hoe lang het mooi blijft verschilt per persoon, want huidcontact bepaalt de verkleuring. Voor iets dat veel gebruikt wordt, zoals een sleutelhanger, kies ik liever RVS of DQ metaal.
Nu jij, ga aan de slag!
Je weet nu hoe je een ringetje netjes opent en sluit, welke maat je kiest en hoe je de meestgemaakte fouten oplost. Open het met twee tangen, haak je bedel en je sleutelhanger aan, en wiebel het weer dicht. De eerste paar keer kost het wat oefening, maar deze techniek gebruik je daarna bij bijna elk sieraad.
Heb je een vraag of krijg je een ringetje maar niet dicht? Je kunt me altijd bereiken via WhatsApp op 06-28565517, via de live chat of kom gezellig langs in de showroom in Oud Gastel voor persoonlijk advies en een flinke dosis kraleninspiratie.
Heb jij al eens met ringetjes gewerkt, of wordt deze sleutelhanger je eerste keer?
Veelgestelde vragen over ringetjes en sleutelhangers maken
Waarom heb ik twee tangen nodig voor ringetjes?
Met twee tangen houd je beide kanten van het ringetje vast en buig je het netjes zijwaarts open. Met één tang trek je het ringetje ovaal en krijg je het daarna niet meer mooi rond. Twee tangen is de sleutel tot een net resultaat.
Hoe open ik een ringetje zonder het te vervormen?
Buig de uiteinden zijwaarts langs elkaar, dus de ene naar voren en de andere naar achteren. Trek ze nooit uit elkaar, want dan rek je het ringetje uit en wordt het ovaal.
Welke maat ringetjes heb ik nodig voor een sleutelhanger?
Voor een sleutelhanger of tassenhanger kies je stevige ringetjes van 8 tot 10 mm, met een dikte van 1 tot 1,2 mm. Die zijn sterk genoeg voor dagelijks gebruik en staan ook nog eens lekker stoer.
Mijn ringetje gaat niet helemaal dicht, wat doe ik verkeerd?
Buig de uiteinden net iets langs elkaar in plaats van precies tegen elkaar. Laat ze elkaar 1 tot 2 mm overlappen en buig ze dan een tikje terug. Zo verdwijnt de opening.
Een uiteinde van mijn ringetje staat hoger, hoe los ik dat op?
Dan is het ringetje niet meer helemaal rond. Zet een platbektang op beide uiteinden tegelijk en knijp met zoveel kracht als nodig tot ze gelijk staan. Herhaal dat een paar keer als het in één keer niet lukt.
Welke tangen werken het prettigst voor ringetjes?
Een combinatie van een platbektang en een krombektang werkt het fijnst, maar twee platbektangen kan ook. De gladde bek voorkomt krassen op je ringetje.
Welk materiaal kies ik voor ringetjes die veel gebruikt worden?
RVS en DQ metaal blijven het langst mooi en zijn daarom ideaal voor een sleutelhanger. Zilverkleurig hobbymetaal kan na veel huidcontact verkleuren, dus dat kies ik liever niet voor iets dat dagelijks gebruikt wordt.
Welke ringetjes passen in hele fijne schakelketting?
In de allerkleinste schakelketting van maximaal 2 mm passen alleen de dunste ringetjes van 0,4 tot 0,6 mm. Past er geen ringetje in, dan werk je de schakel af met een eindkapje of een kleine veterklem.